File: starting.xml

package info (click to toggle)
doc-linux-nl 20051127-2
  • links: PTS
  • area: main
  • in suites: etch, etch-m68k
  • size: 16,408 kB
  • ctags: 94
  • sloc: xml: 47,403; makefile: 312; perl: 193; sh: 116; ansic: 12; csh: 9
file content (806 lines) | stat: -rw-r--r-- 30,092 bytes parent folder | download | duplicates (2)
1
2
3
4
5
6
7
8
9
10
11
12
13
14
15
16
17
18
19
20
21
22
23
24
25
26
27
28
29
30
31
32
33
34
35
36
37
38
39
40
41
42
43
44
45
46
47
48
49
50
51
52
53
54
55
56
57
58
59
60
61
62
63
64
65
66
67
68
69
70
71
72
73
74
75
76
77
78
79
80
81
82
83
84
85
86
87
88
89
90
91
92
93
94
95
96
97
98
99
100
101
102
103
104
105
106
107
108
109
110
111
112
113
114
115
116
117
118
119
120
121
122
123
124
125
126
127
128
129
130
131
132
133
134
135
136
137
138
139
140
141
142
143
144
145
146
147
148
149
150
151
152
153
154
155
156
157
158
159
160
161
162
163
164
165
166
167
168
169
170
171
172
173
174
175
176
177
178
179
180
181
182
183
184
185
186
187
188
189
190
191
192
193
194
195
196
197
198
199
200
201
202
203
204
205
206
207
208
209
210
211
212
213
214
215
216
217
218
219
220
221
222
223
224
225
226
227
228
229
230
231
232
233
234
235
236
237
238
239
240
241
242
243
244
245
246
247
248
249
250
251
252
253
254
255
256
257
258
259
260
261
262
263
264
265
266
267
268
269
270
271
272
273
274
275
276
277
278
279
280
281
282
283
284
285
286
287
288
289
290
291
292
293
294
295
296
297
298
299
300
301
302
303
304
305
306
307
308
309
310
311
312
313
314
315
316
317
318
319
320
321
322
323
324
325
326
327
328
329
330
331
332
333
334
335
336
337
338
339
340
341
342
343
344
345
346
347
348
349
350
351
352
353
354
355
356
357
358
359
360
361
362
363
364
365
366
367
368
369
370
371
372
373
374
375
376
377
378
379
380
381
382
383
384
385
386
387
388
389
390
391
392
393
394
395
396
397
398
399
400
401
402
403
404
405
406
407
408
409
410
411
412
413
414
415
416
417
418
419
420
421
422
423
424
425
426
427
428
429
430
431
432
433
434
435
436
437
438
439
440
441
442
443
444
445
446
447
448
449
450
451
452
453
454
455
456
457
458
459
460
461
462
463
464
465
466
467
468
469
470
471
472
473
474
475
476
477
478
479
480
481
482
483
484
485
486
487
488
489
490
491
492
493
494
495
496
497
498
499
500
501
502
503
504
505
506
507
508
509
510
511
512
513
514
515
516
517
518
519
520
521
522
523
524
525
526
527
528
529
530
531
532
533
534
535
536
537
538
539
540
541
542
543
544
545
546
547
548
549
550
551
552
553
554
555
556
557
558
559
560
561
562
563
564
565
566
567
568
569
570
571
572
573
574
575
576
577
578
579
580
581
582
583
584
585
586
587
588
589
590
591
592
593
594
595
596
597
598
599
600
601
602
603
604
605
606
607
608
609
610
611
612
613
614
615
616
617
618
619
620
621
622
623
624
625
626
627
628
629
630
631
632
633
634
635
636
637
638
639
640
641
642
643
644
645
646
647
648
649
650
651
652
653
654
655
656
657
658
659
660
661
662
663
664
665
666
667
668
669
670
671
672
673
674
675
676
677
678
679
680
681
682
683
684
685
686
687
688
689
690
691
692
693
694
695
696
697
698
699
700
701
702
703
704
705
706
707
708
709
710
711
712
713
714
715
716
717
718
719
720
721
722
723
724
725
726
727
728
729
730
731
732
733
734
735
736
737
738
739
740
741
742
743
744
745
746
747
748
749
750
751
752
753
754
755
756
757
758
759
760
761
762
763
764
765
766
767
768
769
770
771
772
773
774
775
776
777
778
779
780
781
782
783
784
785
786
787
788
789
790
791
792
793
794
795
796
797
798
799
800
801
802
803
804
805
806
<chapter id="bootup"><title>Van start gaan</title>

<blockquote><literallayout>
This login session: $13.99, but for you $11.88.
</literallayout></blockquote>

<para>
Wellicht heb je al ervaringen met MS-DOS
<indexterm><primary>MS-DOS</primary></indexterm> of andere
single user besturingssystemen, zoals OS/2 
<indexterm><primary>OS/2</primary></indexterm> of de Macintosh. 
<indexterm><primary>Macintosh</primary></indexterm>  Onder deze 
besturingssystemen hoefde je jezelf voor gebruik niet op de computer te 
identificeren; er werd voor 't gemak vanuit gegaan dat je de enige 
gebruiker op het systeem was en alles kon benaderen.
&unix; is een multi-user besturingssysteem. Niet kan alleen meer dan
&eacute;&eacute;n persoon tegelijkertijd het gebruiken, de diverse mensen
worden anders behandeld.
</para>

<para>
Om onderscheid tussen mensen te kunnen maken, heeft &unix; een gebruiker nodig
om hem of haar te identificeren<footnote><para>Vanaf hier in dit boek,
zal ik de mannelijke vorm gebruiken om alle mensen te identificeren.
Dit is de standaard Engelse conventie en mensen zouden dit niet als een
statement moeten opvatten dat alleen mannen computers kunnen gebruiken.
</para></footnote>
door een proces genaamd inloggen. Wanneer je voor het eerst de 
computer aanzet, vindt een complex proces plaats eer de computer klaar 
is voor gebruik. Aangezien deze handleiding zich richt op Linux,
zal ik je vertellen wat er gebeurt tijdens de Linux opstartreeks.
<indexterm><primary>opstart</primary></indexterm>
</para>

<para>
Als je Linux gebruikt op een ander type computer dan een 
Intel <indexterm><primary>Intel</primary></indexterm> PC, dan zullen 
een aantal onderwerpen in dit hoofdstuk niet
op jou van toepassing zijn. Het meeste daarvan staat in de
<xref linkend="intel-powerup"/>.
</para>

<para>
Als je slechts ge&iuml;nteresseerd bent in het gebruik van de computer,
kun je alle informatie in het hoofdstuk, behalve de
<xref linkend="actual-login-section"/>, overslaan.
</para>

<sect1 id="intel-powerup"><title>Power to the computer</title>
<para>

Het eerste wat er gebeurt als je een Intel PC aanzet, is dat
de BIOS wordt uitgevoerd. BIOS staat voor <emphasis>B</emphasis>asic 
<emphasis>I</emphasis>nput/<emphasis>O</emphasis>utput 
<emphasis>S</emphasis>ystem. Het is een
programma dat permanent in de computer op chips is opgeslagen, dat alleen 
kan worden gelezen. Het voert een aantal minimale testen uit en zoekt
dan naar een diskette in het eerste diskettestation. Als dat het vindt,
zoekt het naar een "bootsector" op die diskette, en start met de uitvoering
van die code als dat er is. Als er wel een diskette is, maar geen bootsector,
zal de BIOS een melding afdrukken als:
</para>

<para>
<screen>
Non-system disk or disk error
</screen>
</para>

<para>
Door het verwijderen van de diskette en het indrukken van een toets zal het
bootproces verdergaan.
</para>

<para>
Als er zich in het diskettestation geen diskette bevindt, dan zal de
BIOS naar een master boot record
<indexterm><primary>master boot record</primary></indexterm>
(MBR) op de harddisk zoeken. Het zal beginnen
met het uitvoeren van de daar gevonden code, waarmee het besturingssysteem
wordt geladen. Op Linux systemen kan, LILO, de <emphasis>LI</emphasis>nux 
<emphasis>LO</emphasis>ader, de MBR positie innemen en zal het Linux laden. 
Op dit moment zullen we ervan uitgaan dat dit gebeurt en dat Linux begint 
te laden. (Het kan zijn dat de distributie die je gebruikt de afhandeling 
van het booten vanaf de harddisk anders afhandelt. Controleer dit met 
de documentatie die in de distributie is opgenomen. Een andere prima 
referentie is de LILO documentatie.
<!-- ~\cite{Al:LILO}.) -->
</para>
</sect1>

<sect1 id="linux-powerup"><title>Linux neemt het over</title>
<para>
Nadat de BIOS <indexterm><primary>BIOS</primary></indexterm> de besturing 
heeft overgedragen aan LILO<indexterm><primary>LILO</primary></indexterm>,
geeft LILO de besturing over aan de Linux kernel.
Een kernel is het centrale programma van het besturingssysteem,
de leiding over alle andere programma's. Het eerste dat Linux doet zodra het
begint met de uitvoering is over te gaan op de protected modus.
<indexterm><primary>protected modus</primary></indexterm> 
De 80386<footnote><para>Wanneer ik verwijs naar 
de 80386, heb ik het ook over de 80486, Pentium, en Pentium Pro computers, 
tenzij ik dit expliciet anders aangeef. Tevens kort ik 80386 af tot 386.</para>
</footnote> CPU die de 
besturing heeft over je computer heeft twee modi, genaamd 
"real modus" <indexterm><primary>real modus</primary></indexterm> en 
"protected modus".  DOS draait in real modus, zoals ook de BIOS.
Voor geavanceerdere besturingssystemen moet er in de protected modus worden
gedraaid. Daarom verwerpt Linux de BIOS wanneer het opstart.
</para>

<para>
Andere CPU's zullen op andere wijze deze fase bereiken. Andere CPU's
hoeven niet naar de protected modus over te schakelen en hebben een
framework rond de laadprocedure nodig zoals LILO en de BIOS. Zodra
een kernel is opgestart, werkt Linux vrijwel hetzelfde.
</para>

<para>
<figure id="bootup-figure" float="0" pgwide="1">
<title>De weg die een Intel PC neemt om een shellprompt te krijgen.
<command>init</command> kan wel of niet het X Window Systeem starten.
Als dit wel zo is, dan wordt <command>xdm</command> uitgevoerd, zo niet
dan wordt <command>getty</command> uitgevoerd.</title>
<graphic fileref="png-files/boot.png"></graphic>
</figure>
</para>

<para>
Linux zoekt dan het type hardware waarop het draait. Het wil weten
welke typen harddisks je hebt, of je wel of geen busmuis gebruikt, of je
je wel of niet op een netwerk bevindt, en andere onbeduidende dingen.
Linux kan niets onthouden tussen boots, dus het moet deze vragen elke
keer dat het opstart weer opnieuw vragen. Gelukkig stelt het
deze vragen niet aan <emphasis>jou</emphasis>, maar aan de hardware!
Tijdens het opstarten zal de Linux kernel diverse meldingen afdrukken.
Er is over deze meldingen meer te lezen in de 
<xref linkend="kernel-messages"/>.
Dit ondervragingsproces kan voor problemen
zorgen op je systeem, maar als dit zo zou zijn, zou dit waarschijnlijk
al zijn gebeurd toen je Linux voor het eerst installeerde. Raadpleeg
de documentatie van je distributie als je problemen ondervindt.
</para>

<para>
De kernel beheert alleen andere programma's, dus zodra het 
gerustgesteld is dat alles ok is, moet het een ander programma
starten om iets nuttigs te doen. 
Het programma dat de kernel start wordt <command>init</command>
<indexterm><primary>init</primary></indexterm> genoemd. 
<!--
(Merk het verschil op in het font. Wat geschreven is in <command> dit
font</command> duidt gewoonlijk op de namen van programma's, bestanden,
directory's of andere aan de computer gerelateerde items.) -->
Nadat de kernel <command>init</command> heeft opgestart, start het
nooit een ander programma meer. De kernel
wordt een manager en een provider, geen actief programma.
</para>

<para>
Dus om te zien wat de computer aan het doen is nadat de kernel is
opgestart, zullen we <command>init</command> moeten bestuderen. 
<command>init</command> doorloopt een gecompliceerde opstartreeks
die niet voor alle computers gelijk is.
Linux heeft veel verschillende versies van <command>init</command>, 
en elk doet het op z'n eigen manier. Het doet er ook
toe of je computer is aangesloten op een netwerk en welke distributie
je gebruikte om Linux te installeren. Een aantal zaken die eenmalig
kunnen plaatvinden zodra <command>init</command> is gestart:
</para>

<para>
<itemizedlist>
<listitem><para>
Het kan zijn dat de bestandssystemen
<indexterm><primary>bestandssysteem</primary></indexterm> 
worden gecontroleerd. Wat is
een bestandssysteem?  Een bestandssysteem is de lay-out van bestanden
op de harddisk. Het laat Linux weten welke delen van de disk reeds
in gebruik zijn en welke niet. (Het is als een index
naar een nogal groot vulsysteem of kaartencatalogus voor een 
bibliotheek.) Diverse factoren zoals stroomonderbrekingen,
wat er gebeurt op de rest van de disk en de werkelijke lay-out van
de disk is en wat het bestandssysteem denkt dat informatie is, zijn helaas
weleens met elkaar in conflict.
Een speciaal programma met de naam <command>fsck</command>, kan deze
situaties opsporen en hopelijk corrigeren.
</para></listitem>
<listitem><para>
Speciale routing
<indexterm><primary>route</primary></indexterm> programma's voor netwerken
<indexterm><primary>netwerk</primary></indexterm> 
worden uitgevoerd. Deze programma's vertellen je
computer hoe het wordt verondersteld contact te maken met andere
programma's.
</para></listitem>
<listitem><para>
Het kan zijn dat er tijdelijke bestanden worden verwijderd, 
die door een aantal programma's zijn achtergelaten.
</para></listitem>
<listitem><para>
Het kan zijn dat de systeemklok juist wordt bijgewerkt.
Dit is lastiger dan je zou kunnen denken, aangezien &unix; de tijd standaard
in UCT (Universal Coordinated Time, ook bekend als Greenwich Mean Time) wil
en je CMOS klok, een door een batterij gevoede klok in je computer, 
waarschijnlijk op lokale tijd is ingesteld. Dit betekent dat een of ander
programma de tijd uit moet lezen van je hardwareklok en het moet corrigeren
naar UCT.
</para></listitem>
</itemizedlist>
</para>

<para>
Nadat <command>init</command> is ge&euml;indigd met zijn taken tijdens
de systeemstart, gaat het verder met zijn regulier geplande activiteiten.
<command>init</command> kan de parent van alle processen
<indexterm><primary>proces</primary></indexterm> op een &unix;-systeem 
worden genoemd.
Een proces is simpelweg een draaiend programma. Aangezien een programma twee of
meer keren kan worden uitgevoerd, kunnen er twee of meer processen
voor een bepaald programma zijn.
</para>

<para>
Onder &unix;, wordt een proces, een kopie van een programma
aangemaakt door een systeemaanroep
<indexterm><primary>systeemaanroep</primary></indexterm>
- een service waarin voorzien door de kernel - genaamd fork.
<indexterm><primary>proces</primary><secondary>fork</secondary></indexterm>
(Het wordt "fork" genoemd aangezien een proces zich afsplitst in twee
verschillende processen.) <command>init</command>
splitst een paar processen, welke 
op hun beurt zelf een aantal afsplitsen. Op je Linux systeem zijn wat
<command>init</command> draait verscheidene kopie&euml;n van een programma 
met de naam <command>getty</command>. <command>getty</command> is het 
programma dat een gebruiker in laat loggen en eventueel een programma 
aanroept met de naam <command>login</command>.
<indexterm><primary>login</primary></indexterm>
</para>
</sect1>

<sect1 id="actual-login-section"><title>Acties van de gebruiker</title>
<sect2 id="login"><title>Inloggen</title>
<para>
Het eerste wat je moet doen om een &unix;-computer te kunnen gebruiken, 
is jezelf identificeren. De login is de manier van &unix; om te kunnen 
achterhalen of gebruikers zijn geautoriseerd om het systeem te gebruiken. 
Het vraagt om een accountnaam <indexterm><primary>account</primary></indexterm>
en wachtwoord.<indexterm><primary>wachtwoord</primary></indexterm>
Een accountnaam is normaal gesproken gelijk aan je gewone naam; je zou 
het reeds van je systeembeheerder gekregen moeten hebben, of er zelf 
&eacute;&eacute;n moeten hebben aangemaakt als je zelf de systeembeheerder bent.
(Informatie over hoe je dit doet zou beschikbaar moeten zijn in 
de &ldpgs; of &ldpsa;)
</para>

<para>
Je zult zien dat nadat alle opstartprocedures zijn voltooid, iets als
het volgende (de eerste regel bestaat louter uit een begroetingsmelding,
het kan een disclaimer of iets anders zijn) verschijnt:
</para>

<para>
<screen>
Welcome to the mousehouse. Please, have some cheese.

mousehouse login:
</screen>
</para>

<informalfigure float="o">
	<graphic fileref="png-files/grote-X.png"></graphic>
</informalfigure>

<para>
Het is echter mogelijk dat wat het systeem je presenteert
hier <emphasis>niet</emphasis> op lijkt. In plaats van een saai scherm 
in tekstmodus is het grafisch. Er zal je echter nog steeds worden gevraagd
in te loggen en het zal voor het overgrote deel op dezelfde wijze
functioneren. Als dit het geval is op je systeem, zal je het X Window
Systeem gaan gebruiken. Dit betekent dat je zal 
worden gepresenteerd op een venstersysteem. In <xref linkend="x-chapter"/> 
zullen een aantal verschillen worden besproken waar je mee zult worden
geconfronteerd. Het inloggen zal vergelijkbaar zijn als ook het meeste 
basisgebruik van &unix;. Zoek in de marge naar een grote X als je gebruik
maakt van het X Window systeem.
</para>

<para>
Dit is natuurlijk een uitnodiging om in te loggen.
<indexterm><primary>login</primary></indexterm> In deze
handleiding, zullen we gebruik maken van een fictieve (of afhankelijk van
je machine, niet zo fictieve) gebruiker met de naam <literal>larry</literal>.  
Wanneer je <literal>larry</literal>
ziet, moet je dit vervangen door je eigen accountnaam. Accountnamen zijn 
gewoonlijk gebaseerd op echte namen; grotere, serieuzere &unix;-systemen 
beschikken over accounts waarbij gebruik wordt gemaakt van de achternaam
van de gebruiker of &eacute;&eacute;n of andere combinatie van de voor- en 
achternaam, of zelfs nummers. Mogelijke accounts voor Larry Greenfield 
kunnen bijvoorbeeld zijn:
<literal>larry</literal>, <literal>greenfie</literal>, 
<literal>lgreenfi</literal>, <literal>lg19</literal>.
</para>

<para>
<literal>mousehouse</literal> is, tussen twee haakjes, de "naam" van de machine
waarop ik aan het werken ben. Het is mogelijk dat toen je Linux 
installeerde, je werd gevraagd om een zeer geestige naam. Het is niet
zo belangrijk, maar wanneer het ter sprake komt, zal ik
<literal>mousehouse</literal>, of zeldzamer, <literal>lionsden</literal>
gebruiken, wanneer ik voor de duidelijkheid of contrast een tweede systeem moet 
gebruiken.
</para>

<para>
Na het invoeren van <literal>larry</literal> en het indrukken van 
<keycap>return</keycap>, word ik geconfronteerd met het volgende:
</para>

<para>
<screen>
<prompt>mousehouse login: </prompt><userinput>larry</userinput>
<computeroutput>Password:</computeroutput>
</screen>
</para>

<para>
Waar Linux om vraagt is je wachtwoord. Wanneer je je
wachtwoord intikt, kun je niet zien wat je typt. Typ zorgvuldig:
het is mogelijk ingetikte tekens te verwijderen, maar je zult niet
kunnen zien wat je aan het wijzigen bent. Typ niet te langzaam als
mensen aan het kijken zijn. Ze zullen je wachtwoord uit het hoofd
kunnen leren. Als je een fout maakt bij het typen, krijg je een nieuwe
kans om in te loggen.
<indexterm><primary>wachtwoord</primary></indexterm>
</para>

<para>
Als je je loginnaam en wachtwoord correct hebt ingetikt, zal een
korte melding verschijnen, die de "message of the day" wordt 
genoemd.
<indexterm><primary>/etc/motd</primary></indexterm>
Dit kan van alles zijn. De systeembeheerder
bepaalt de inhoud van het bericht. Daarna verschijnt een 
<emphasis>prompt</emphasis>.
<indexterm><primary>shell</primary><secondary>prompt</secondary></indexterm>
Een prompt is niets meer dan dat. Iets
vraagt je om de volgende opdracht aan het systeem te geven.
Het ziet er ongeveer zo uit:
</para>

<para>
<screen>
<prompt>/home/larry# </prompt>
</screen>
</para>

<para>
	<informalfigure float="0">
		<graphic fileref="png-files/grote-X.png"></graphic>
	</informalfigure> 
Als je reeds hebt vastgesteld dat je gebruik maakt van X, 
zul je waarschijnlijk een prompt zien als de bovenstaande, maar dan
in een "venster" ergens op het scherm. (Een "venster" is een
rechthoekig kader.) Om achter de prompt iets in te tikken, verplaats
je de muiscursor (het ziet er waarschijnlijk uit als een grote "x"
of een pijl) met de muis in het venster.
</para>
</sect2>

<sect2><title>De computer laten voor wat het is</title>
<para>
<caution><para>Zet de computer niet zomaar uit! Je riskeert het verlies
van waardevolle gegevens!
</para></caution>
</para>

<para>
In tegenstelling tot de meeste DOS versies, is het een slechte
gewoonte zomaar de aan/uit-knop in te drukken wanneer je klaar bent op je
computer. Het is ook niet goed om de computer opnieuw (met de reset-knop)
op te starten zonder eerst de juiste voorzorgsmaatregelen te nemen.
Linux beschikt ter verbetering van de performance over een 
diskcache. Dit betekent dat het tijdelijk delen van de
permanente opslag in RAM opslaat.<footnote><para>Het verschil tussen
"RAM" en een harddisk is als het verschil tussen kort termijngeheugen
en lang termijngeheugen. Het afsluiten van de stroom is als het geven
van een klap op het hoofd van de computer; het zal alles vergeten wat
het in het korte termijngeheugen heeft opgeslagen.
Maar dingen opgeslagen in het lange termijngeheugen, de harddisk,
zijn ok. De disk is duizendmaal langzamer dan RAM.</para></footnote>
Het idee van wat Linux denkt wat de disk zou moeten zijn en wat de
disk werkelijk bevat wordt elke 30 seconden gesynchroniseerd.
Om de computer uit te zetten of opnieuw op te starten, zul je een 
procedure moeten doorlopen waarin je het vertelt te stoppen met het
cachen van diskinformatie.
</para>

<para>
Als je klaar bent met de computer, maar nog wel bent ingelogd 
(je voerde je gebruikersnaam en wachtwoord in) moet je eerst uitloggen.
Hiervoor geef je de opdracht <command>logout</command>. Alle opdrachten worden
verzonden door het indrukken van <keycap>return</keycap>. Totdat je de return indrukt,
zal er niets gebeuren en kun je verwijderen wat je hebt gedaan en
opnieuw beginnen.
</para>

<para>
<screen>
/home/larry# logout

Welcome to the mousehouse. Please, have some cheese.

mousehouse login:
</screen>
</para>

<para>
Nu kan een andere gebruiker inloggen.
</para>
</sect2>

<sect2><title>De computer uitzetten</title>
<para>
Als dit een single user systeem is, wil je wellicht de computer uitzetten
wanneer je klaar bent.<footnote><para>Om het mogelijke verzwakken van een
aantal hardwarecomponenten te voorkomen, zet je de computer alleen uit 
wanneer je klaar bent voor vandaag. Het eenmaal aan en uitzetten van de 
computer is waarschijnlijk de beste compromise tussen energie en slijtage 
van het systeem.</para></footnote> 
Hiervoor moet je inloggen op een speciaal account genaamd
<literal>root</literal>. Het <literal>root</literal> account is het account van de 
systeembeheerder en hij kan elk bestand op het systeem benaderen.
Als je de computer uit wilt gaan zetten, zorg dan dat je eerst
aan het wachtwoord komt van de systeembeheerder.
(Op een single user systeem, ben <emphasis>jij</emphasis> dat!  Zorg dat je het
<literal>root</literal> wachtwoord weet.) Log in als <literal>root</literal>:
</para>

<para>
<screen>
mousehouse login: root
Password:
Linux version 1.3.55 (root@mousehouse) #1 Sun Jan 7 14:56:26 EST 1996
/# shutdown now
Why? end of the day

URGENT: message from the sysadmin:
System going down NOW

          ... end of the day ...

Now you can turn off the power...
</screen>
</para>

<para>
De opdracht <command>shutdown now</command> bereidt het systeem voor op een reset
of om te worden uitgezet. Wacht op een melding waarin wordt aangegeven
dat het veilig is en herstart dan het systeem of zet het uit.
(Wanneer het systeem je vraagt "Why?", vraagt het louter om een reden 
om aan de andere gebruikers mede te delen.
Aangezien niemand het systeem aan het gebruiken is als je het
uitzet, kun je het alles vertellen wat je wilt of in het geheel niets.)
</para>

<para>
Een beknopt bericht voor de luie mensen onder ons: een alternatief
voor de logout/login benadering is het gebruik van de opdracht
<command>su</command>. Als normale gebruiker typ je achter de prompt 
<command>su</command> en drukt op <keycap>return</keycap>. Het zal je vragen om het root wachtwoord en je vervolgens 
rootprivileges toekennen. Nu kun je het systeem met de opdracht
<command>shutdown now</command> afsluiten.
</para>
</sect2>
</sect1>

<sect1 id="kernel-messages"><title>Kernelmeldingen</title>
<para>
	Wanneer je je computer voor het eerst opstart, zie je in rap tempo een
	serie meldingen over het scherm voorbij gaan, die de hardware
	aangesloten op je computer beschrijft.
Deze meldingen worden afgedrukt door de
Linux kernel. In deze sectie zal ik de meldingen beschrijven en
uitleggen.
</para>

<para>
Vanzelfsprekend verschillen deze meldingen van machine tot machine.
Ik zal de meldingen beschrijven die ik krijg voor mijn machine.
Het volgende voorbeeld bevat alle standaardmeldingen en een aantal
specifieke meldingen. (Over het algemeen is de machine waar ik dit vandaan
haal een minimaal geconfigureerde machine: je zult niet veel
apparaatspecifieke configuratie zien.) Dit werd gemaakt met Linux
versie 1.3.55; &eacute;&eacute;n van de meest recente tijdens dit schrijven.
</para>

<para>
<indexterm><primary>linux kernel</primary>
<secondary>opstartmeldingen</secondary></indexterm>
<orderedlist>
<listitem><para>
 Het eerste wat Linux doet is bepalen welk type videokaart
en scherm je hebt, zodat het een goede fontgrootte uit kan kiezen.
(Hoe kleiner het font hoe meer tegelijkertijd op het scherm past.)
Linux kan je vragen of je een speciaal font wilt, of het kan zijn
dat er een speciaal font is ingecompileerd.
<footnote><para>"Compileren" is het proces waarbij een computerprogramma
dat een mens schrijft wordt vertaald naar iets dat de computer
begrijpt. Een feature welke is "ingecompileerd" is opgenomen in
het programma.</para></footnote>
</para>

<para>
<screen>
Console: 16 point font, 400 scans
Console: colour VGA+ 80x25, 1 virtual console (max 63)
</screen>
</para>

<para>
In dit voorbeeld besloot de eigenaar van de machine tijdens het compileren
dat hij standaard een groot font wilde.
<indexterm><primary>compile</primary></indexterm>
<!-- \glossary{binary} -->
Let tevens op de onjuiste spelling van het woord "color." Linus leerde 
klaarblijkelijk de verkeerde versie Engels.
<indexterm><primary>Torvalds, Linus</primary>
<secondary>Engels gebruik</secondary></indexterm>
</para></listitem>

<listitem><para>
 Het volgende dat de kernel zal rapporteren is hoe snel je
systeem is, als gemeten door
  "BogoMIPS". <indexterm><primary>BogoMIPS</primary></indexterm>
Een "MIP" staat voor een miljoen instructies per seconde, en een "BogoMIP" 
is een "bogus MIP": hoeveel keren de computer absoluut niets kan doen in
  een seconde.
  (Aangezien deze loop in werkelijkheid niets doet, is het getal
niet echt een meeteenheid van hoe snel het systeem is.)
  Linux gebruikt dit nummer wanneer het moet wachten op een
hardwareapparaat.
</para>

<para>
<screen>
Calibrating delay loop.. ok - 33.28 BogoMIPS
</screen>
</para></listitem>

<listitem>
<para>
De Linux kernel vertelt je ook iets over het geheugengebruik:
</para>

<para>
<screen>
Memory: 23180k/24576k available (544k kernel code, 384k reserved, 
468k data)
</screen>
</para>

<para>
Dit gaf aan dat de machine 24 megabytes
<indexterm><primary>megabyte</primary></indexterm> geheugen heeft.
Een deel van het geheugen werd gereserveerd voor de kernel. De rest
ervan kan worden gebruikt door programma's. Dit is het tijdelijke
RAM dat alleen voor opslag op korte termijn wordt gebruikt. Je 
computer heeft ook een permanent geheugen genaamd een harddisk. 
De inhoud van de harddisk blijft bewaard, ook als de stroom wordt onderbroken.
</para></listitem>

<listitem><para>
Tijdens de bootprocedure test Linux verschillende onderdelen
van de hardware en drukt meldingen af over deze testen.
</para>

<para>
<screen>
This processor honours the WP bit even when in supervisor mode. 
Good.
</screen>
</para></listitem>

<listitem><para>
 Nu gaat Linux verder met de netwerkconfiguratie.
<indexterm><primary>netwerk</primary></indexterm> 
Het volgende zou moeten worden beschreven in &ldpng;, en het valt buiten 
het kader van dit document.  
</para>

<para>
<screen>
Swansea University Computer Society NET3.033 for Linux 1.3.50
IP Protocols: ICMP, UDP, TCP
</screen>
</para></listitem>

<listitem><para>
 Linux ondersteunt een FPU
<indexterm><primary>FPU</primary></indexterm>, een floating point unit. Dit
is een speciale chip (of deel van een chip, in het geval van een 80486DX
CPU
<indexterm><primary>floating point unit</primary></indexterm>) 
die rekenkundige bewerkingen uitvoert
met decimale getallen. Een aantal van deze chips is slecht,
en wanneer Linux deze chips probeert te identificeren, "crasht" de machine.
De machine stopt te functioneren. Als dit gebeurt, krijg je het volgende
te zien:
</para>

<para>
<screen>
Checking 386/387 coupling...
</screen>
</para>

<para>
<indexterm><primary>error!bad 386/387 coupling</primary></indexterm>
Anders krijg je te zien:
</para>

<para>
<screen>
Checking 386/387 coupling... 
Ok, fpu using exception 16 error reporting.
</screen>
</para>

<para>
als je een 486DX gebruikt. Als je een 386 met een 387 gebruikt, zul je zien:
</para>

<para>
<screen>
Checking 386/387 coupling... Ok, fpu using irq13 error reporting.
</screen>
</para></listitem>

<listitem><para>
 Het voert nu een andere test uit op de "halt" instructie.
</para>

<para>
<screen>
Checking 'hlt' instruction... Ok.
</screen>
</para></listitem>
 
<listitem><para>
 Na de initi&euml;le configuratie drukt Linux een regel af om zichzelf
te identificeren. Er wordt aangegeven om welke versie het gaat,
welke versie van de GNU C Compiler het compileerde en wanneer het werd
gecompileerd.
</para>

<para>
<screen>
Linux version 1.3.55 (root@mousehouse) (gcc version 2.7.0) 
#1 Sun Jan 7 14:56:26 EST 1996
</screen>
</para></listitem>

<listitem><para>
 De seri&euml;le 
<indexterm><primary>seri&euml;le poorten</primary></indexterm> driver 
is begonnen vragen te stellen over de hardware. Een driver is een deel van 
de kernel dat een apparaat aanstuurt, gewoonlijk een randapparaat. Het is 
verantwoordelijk voor de details over hoe de CPU communiceert met het
apparaat. Hierdoor kunnen mensen die gebruikerstoepassingen schrijven
zich concentreren op de toepassing:
ze hoeven zich niet bezig te houden met hoe de computer exact werkt.
</para>

<para>
<screen>
Serial driver version 4.11 with no serial options enabled
tty00 at 0x03f8 (irq = 4) is a 16450
tty01 at 0x02f8 (irq = 3) is a 16450
tty02 at 0x03e8 (irq = 4) is a 16450
</screen>
</para>

<para>
Hier vond het 3 seri&euml;le poorten. Een seri&euml;le poort is het equivalent 
van een DOS <literal>COM</literal>-poort, en het is een apparaat dat normaal
gesproken wordt gebruikt om te communiceren met modems en muizen.
</para>

<para>
Wat het probeert te zeggen is, is dat de seri&euml;le poort 0 (COM1) het
adres <literal>0x03f8</literal> heeft. Wanneer het de kernel onderbreekt, gewoonlijk
om te zeggen dat het gegevens heeft, gebruikt het IRQ 4. Een IRQ is een
ander middel van een randapparaat om met de software te communiceren.
Elke seri&euml;le poort heeft ook een controllerchip. De gebruikelijke
controllerchip voor een poort is een 16450; andere mogelijke waarden
zijn 8250 en 16550. 
</para></listitem>

<listitem><para>
 Vervolgens komt de parallelle poortdriver. Een parallelle poort heeft
<indexterm><primary>parallelle poorten</primary></indexterm>
normaal gesproken een verbinding naar 
de printer en de namen voor de parallelle poorten beginnen (onder Linux)
met <literal>lp</literal>. <literal>lp</literal> staat voor 
<emphasis>L</emphasis>ine <emphasis>P</emphasis>rinter, alhoewel het 
in moderne tijden zinniger zou zijn als het zou staan voor
<emphasis>L</emphasis>aser <emphasis>P</emphasis>rinter. (Linux zal echter prima communiceren met
elk type parallelle printer: dot matrix, inktjet, of laser.)
</para>

<para>
<screen>
lp0 at 0x03bc, (polling)
</screen>
</para>

<para>
Die melding geeft aan dat het een parallelle poort heeft gevonden en er de
standaarddriver voor gebruikt.
</para></listitem>

<listitem><para>
 Linux identificeert vervolgens je harddisks. In het
voorbeeldsysteem dat ik je toon, <literal>mousehouse</literal>, heb ik twee IDE-harddisks
ge&iuml;nstalleerd.
</para>

<para>
<screen>
hda: WDC AC2340, 325MB w/127KB Cache, CHS=1010/12/55
hdb: WDC AC2850F, 814MB w/64KB Cache, LBA, CHS=827/32/63
</screen>
</para></listitem> 

<listitem><para>
 De kernel gaat nu verder met het zoeken naar je diskettestations.
In dit voorbeeld is de machine met twee diskettestations uitgerust:
station "A" is een 5 {1/4} inch disk, en station "B" is een 
3 {1/2} inch disk. Linux noemt station "A" <literal>fd0</literal> en station
"B" <literal>fd1</literal>.
</para>

<para>
<screen>
Floppy drive(s): fd0 is 1.44M, fd1 is 1.2M
floppy: FDC 0 is a National Semiconductor PC87306
</screen>
</para></listitem>

<listitem><para>
 De volgende op te starten driver op mijn voorbeeldsysteem is de
SLIP-driver. Het drukt een melding af over zijn configuratie.
</para>

<para>
<screen>
SLIP: version 0.8.3-NET3.019-NEWTTY (dynamic channels, max=256) 
(6 bit encapsulation enabled)
CSLIP: code copyright 1989 Regents of the University of California
</screen>
</para></listitem>

<listitem><para>
 De kernel scant ook de harddisks die het vindt. Het zal
zoeken naar de verschillende partities die op elk voorkomen. Een partitie
is een logische afscheiding op een drive die wordt gebruikt om er voor 
te zorgen dat besturingssystemen elkaar niet in de weg zitten. In dit 
voorbeeld had de computer twee harddisks (<literal>hda</literal>,
<literal>hdb</literal>) met 
respectievelijk vier partities en &eacute;&eacute;n partitie.
<indexterm><primary>partitie</primary><secondary>disk</secondary></indexterm>
</para>

<para>
<screen>
Partition check:
  hda: hda1 hda2 hda3 hda4
  hdb: hdb1
</screen>
</para></listitem>

<listitem><para>
 Tenslotte <emphasis>mount</emphasis>
<indexterm><primary>mount</primary></indexterm> Linux de
rootpartitie.  De rootpartitie is de diskpartitie waar het
Linux besturingssysteem op voorkomt.
<indexterm><primary>partitie</primary><secondary>root</secondary></indexterm>
Wanneer Linux deze partitie "mount", maakt het de partitie beschikbaar
voor gebruik.
</para>

<para>
<screen>
VFS: Mounted root (ext2 filesystem) readonly.
</screen>
</para></listitem>
</orderedlist>
</para>
</sect1>
</chapter>
<!-- 
% Local Variables: 
% mode: latex
% TeX-master: "guide"
% End: -->