1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 11 12 13 14 15 16 17 18 19 20 21 22 23 24 25 26 27 28 29 30 31 32 33 34 35 36 37 38 39 40 41 42 43 44 45 46 47 48 49 50 51 52 53 54 55 56 57 58 59 60 61 62 63 64 65 66 67 68 69 70 71 72 73 74 75 76 77 78 79 80 81 82 83 84 85 86 87 88 89 90 91 92 93 94 95 96 97 98 99 100 101 102 103 104 105 106 107 108 109 110 111 112 113 114 115 116 117 118 119 120 121 122 123 124 125 126 127 128 129 130 131 132 133 134 135 136 137 138 139 140 141 142 143 144 145 146 147 148 149 150 151 152 153 154 155 156 157 158 159 160 161 162 163 164 165 166 167 168 169 170 171 172 173 174 175 176 177 178 179 180 181 182 183 184 185 186 187 188 189 190 191 192 193 194 195 196 197 198 199 200 201 202 203 204 205 206 207 208 209 210 211 212 213 214 215 216 217 218 219 220 221 222 223 224 225 226 227 228 229 230 231 232 233 234 235 236 237 238 239 240 241 242 243 244 245 246 247 248 249 250 251 252 253 254 255 256 257 258 259 260 261 262 263 264 265 266 267 268 269 270 271 272 273 274 275 276 277 278 279 280 281 282 283 284 285 286 287 288 289 290 291 292 293 294 295 296 297 298 299 300 301 302 303 304 305 306 307 308 309 310 311 312 313 314 315 316 317 318 319 320 321 322 323 324 325 326 327 328 329 330 331 332 333 334 335 336 337 338 339 340 341 342 343 344 345 346 347 348 349 350 351 352 353 354 355 356 357 358 359 360 361 362 363 364 365 366 367 368 369 370 371 372 373 374 375 376 377 378 379 380 381 382 383 384 385 386 387 388 389 390 391 392 393 394 395 396 397 398 399 400 401 402 403 404 405 406 407 408 409 410 411 412 413 414 415 416 417 418 419 420 421 422 423 424 425 426 427 428 429 430 431 432 433 434 435 436 437 438 439 440 441 442 443 444 445 446 447 448 449 450 451 452 453 454 455 456 457 458 459 460 461 462 463 464 465 466 467 468 469 470 471 472 473 474 475 476 477 478 479 480 481 482 483 484 485 486 487 488 489 490 491 492 493 494 495 496 497 498 499 500 501 502 503
|
<HTML
><HEAD
><TITLE
>Netwerktools</TITLE
><META
NAME="GENERATOR"
CONTENT="Modular DocBook HTML Stylesheet Version 1.64
"><LINK
REL="HOME"
TITLE="Het Slackware Handboek"
HREF="slackware-handboek.html"><LINK
REL="PREVIOUS"
TITLE="Processen"
HREF="processen.html"><LINK
REL="NEXT"
TITLE="XFree86"
HREF="xfree86.html"><LINK
REL="STYLESHEET"
TYPE="text/css"
HREF="normal.css"></HEAD
><BODY
CLASS="chapter"
BGCOLOR="#FFFFFF"
TEXT="#000000"
LINK="#0000FF"
VLINK="#840084"
ALINK="#0000FF"
><DIV
CLASS="NAVHEADER"
><TABLE
WIDTH="100%"
BORDER="0"
CELLPADDING="0"
CELLSPACING="0"
><TR
><TH
COLSPAN="3"
ALIGN="center"
>Het Slackware Handboek: Voor Slackware Linux 9.1</TH
></TR
><TR
><TD
WIDTH="10%"
ALIGN="left"
VALIGN="bottom"
><A
HREF="processen.html"
>Terug</A
></TD
><TD
WIDTH="80%"
ALIGN="center"
VALIGN="bottom"
></TD
><TD
WIDTH="10%"
ALIGN="right"
VALIGN="bottom"
><A
HREF="xfree86.html"
>Volgende</A
></TD
></TR
></TABLE
><HR
ALIGN="LEFT"
WIDTH="100%"></DIV
><DIV
CLASS="chapter"
><H1
><A
NAME="netwerk"
>Hoofdstuk 12. Netwerktools</A
></H1
><DIV
CLASS="TOC"
><DL
><DT
><B
>Inhoudsopgave</B
></DT
><DT
>12.1. <A
HREF="netwerk.html#AEN676"
>De basis</A
></DT
><DT
>12.2. <A
HREF="netwerk.html#AEN703"
>Secure Shell (OpenSSH)</A
></DT
></DL
></DIV
><DIV
CLASS="sect1"
><H1
CLASS="sect1"
><A
NAME="AEN676"
>12.1. De basis</A
></H1
><H2
CLASS="BRIDGEHEAD"
>ping</H2
><P
> <B
CLASS="command"
>ping</B
>(8) is een stuk gereedschap dat zogenaamde ICMP ECHO_REQUEST
packets naar hosts stuurt. Dat wil zeggen dat er een verzoek wordt gedaan
aan een host om te antwoorden. Dat maakt deze tool uitermate geschikt om
te testen of bepaalde hosts bereikbaar zijn of om te controleren of je
internet connectie goed werkt. Laten we kijken naar een voorbeeld van
het gebruik van dit commando:
</P
><PRE
CLASS="screen"
> bash-2.05a$ <B
CLASS="command"
>ping tazzy.blowgish.org</B
>
PING tazzy.blowgish.org (192.168.1.1): 56 octets data
64 octets from 192.168.1.1: icmp_seq=0 ttl=64 time=0.0 ms
64 octets from 192.168.1.1: icmp_seq=1 ttl=64 time=0.0 ms
64 octets from 192.168.1.1: icmp_seq=2 ttl=64 time=0.0 ms
--- tazzy.blowgish.org ping statistics ---
3 packets transmitted, 3 packets received, 0% packet loss
round-trip min/avg/max = 0.0/0.0/0.0 ms
</PRE
><P
> Zoals te zien is de eenvoudigste syntaxis van dit commando
"<B
CLASS="command"
>ping hostnaam</B
>". Aan dit voorbeeld is al veel
informatie af te leiden. In de eerste regel wordt het IP adres
van de computer getoond. Mocht dit niet gebeuren, dan zijn
waarschijnlijk de nameserver instellingen niet goed of bestaat
de hostnaam simpelweg dan niet. Daarna zal <B
CLASS="command"
>ping</B
>
constant doorgaan met het sturen van beantwoordingsverzoeken. Je
kunt elke keer zien wat de benodigde tijd was, wat bruikbaar is
om simpele snelheidsmetingen te doen. <B
CLASS="command"
>ping</B
> is te
stoppen door tegelijkertijd de "control" en "c" toetsen in te drukken.
Hierna verschaft <B
CLASS="command"
>ping</B
> nog enige informatie, waaronder
het percentage pakketverlies (packet loss). Om te zien of een verbinding
betrouwbaar is kunt je <B
CLASS="command"
>ping</B
> een tijdje laten draaien
en na beïndiging de packet loss bekijken.
</P
><H2
CLASS="BRIDGEHEAD"
>host</H2
><P
> Met het commando <B
CLASS="command"
>host</B
>(1) kun je informatie over
hosts opvragen met DNS. Standaard geeft <B
CLASS="command"
>host hostnaam</B
>
het IP adres van de desbetreffende host:
</P
><PRE
CLASS="screen"
> $ <B
CLASS="command"
>host www.nedslack.org</B
>
www.nedslack.org has address 213.239.135.210
</PRE
><P
> Ook kun je andere records/informatie opvragen voor hosts en/of domeinen.
Lees voor meer informatie de <B
CLASS="command"
>host</B
> man pagina.
</P
><H2
CLASS="BRIDGEHEAD"
>traceroute</H2
><P
> <B
CLASS="command"
>traceroute</B
>(8) probeert alle gateways te tonen
die gepasseerd worden bij het contact maken met een bepaalde host.
Zo is te zien hoeveel "hops" er nodig zijn voor een pakket om bij
een bepaalde host te komen en die tijd die ervoor nodig was.
Hier is een voorbeeld van <B
CLASS="command"
>traceroute</B
> in aktie:
</P
><PRE
CLASS="screen"
> $ <B
CLASS="command"
>traceroute www.nedslack.org</B
>
traceroute to www.nedslack.org (213.239.135.210), 30 hops max, 38 byte packets
1 192.168.1.69 (192.168.1.69) 0.726 ms 0.667 ms 0.562 ms
2 nas.euronet.nl (194.134.5.1) 153.248 ms 158.397 ms 194.148 ms
3 F0-0.dr2-rt2.nl.euro.net (194.134.250.67) 312.472 ms 173.391 ms 146.758 ms
4 P1-1-0.dr2-asd3.nl.euro.net (194.134.181.81) 343.253 ms 252.822 ms 211.670 ms
5 P4-0.xr1-fft1.de.euro.net (194.134.181.78) 454.119 ms 219.295 ms 446.982 ms
6 ge1-2-0.de-cix.fra3.trueserver.de (80.81.192.51) 153.319 ms 156.294 ms 162.161 ms
7 www.nedlinux.nl (213.239.135.210) 166.122 ms 167.412 ms 165.502 ms
</PRE
></DIV
><DIV
CLASS="sect1"
><H1
CLASS="sect1"
><A
NAME="AEN703"
>12.2. Secure Shell (OpenSSH)</A
></H1
><P
> Vroeger werden de <B
CLASS="command"
>telnet</B
> en <B
CLASS="command"
>rsh</B
>
utilities gebruikt om op andere systemen in te loggen om er vervolgens
op afstand op te kunnen werken. Het nadeel van beide programma's is
dat zowel de wachtwoorden als data (toetsenbordinvoer en schermuitvoer)
ongecodeerd over het netwerk gestuurd wordt. Iemand die een netwerk
"afluistert" kan op die manier de inloggegevens voor shell accounts
achterhalen en misbruiken. Secure Shell (SSH) maakte een einde aan
deze onbeveiligde gegevensoverdracht door sessies te coderen, op die
manier zijn verstuurde wachtwoorden en andere data niet te achterhalen
door eventuele afluisteraars.
</P
><P
> De SSH implementatie die in de meeste Linux distributies gebruikt wordt,
is ontwikkeld door het
OpenBSD team en heet OpenSSH. OpenSSH is een verzameling van commando's
die gebruikt kunnen worden voor beveiligde gegevensoverdracht. OpenSSH
kan onder andere gebruikt worden voor het werken op andere computers
(remote shell) en het versturen van bestanden.
</P
><H2
CLASS="BRIDGEHEAD"
>ssh</H2
><P
> Het <B
CLASS="command"
>ssh</B
>(1) commando wordt normaliter gebruikt voor
het inloggen en werken op andere computers. De syntaxis is simpelweg
<B
CLASS="command"
>ssh hostnaam</B
>, waarin <I
CLASS="emphasis"
>hostnaam</I
>
ook vervangen kan worden met het IP adres van het systeem waarop ingelogt
moet worden. Bijvoorbeeld:
</P
><PRE
CLASS="screen"
> $ <B
CLASS="command"
>ssh 192.168.1.69</B
>
daniel@192.168.1.69's password:
</PRE
><P
> <B
CLASS="command"
>ssh</B
> zal standaard met dezelfde gebruikersnaam
proberen in te loggen als je ingelogt bent op de machine waarop
<B
CLASS="command"
>ssh</B
> gestart wordt. Een andere gebruikersnaam
kan opgegeven worden met de <I
CLASS="emphasis"
>-l</I
> parameter
of met de e-mailnotatie. Een voorbeeldsessie met de
<I
CLASS="emphasis"
>-l</I
> parameter:
</P
><PRE
CLASS="screen"
> $ <B
CLASS="command"
>ssh -l danieldk 192.168.1.69</B
>
danieldk@192.168.1.69's password:
Last login: Sat Mar 8 17:37:28 2003 from 192.168.1.1
NetBSD 1.6 (GENERIC) #0: Sun Sep 8 19:43:40 UTC 2002
Erase is backspace.
tweety: {1}
</PRE
><P
> Met e-mailnotatie:
</P
><PRE
CLASS="screen"
> $ <B
CLASS="command"
>ssh danieldk@192.168.1.69</B
>
danieldk@192.168.1.69's password:
Last login: Sat Mar 8 17:36:51 2003 from 192.168.1.1
NetBSD 1.6 (GENERIC) #0: Sun Sep 8 19:43:40 UTC 2002
Erase is backspace.
tweety: {1}
</PRE
><H2
CLASS="BRIDGEHEAD"
>sftp</H2
><P
> <B
CLASS="command"
>sftp</B
> is een handig commando waarmee het mogelijk
is met normale ftp commando's bestanden te versturen tussen verschillende
systemen. Aan de serverkant is sftp een onderdeel van de
<B
CLASS="command"
>sshd</B
> daemon. Om met <B
CLASS="command"
>sftp</B
> een
verbinding te maken met een ander systeem moet je op dat systeem
een shell account hebben. De syntaxis is vrijwel identiek aan die van het
<B
CLASS="command"
>ssh</B
> commando:
</P
><PRE
CLASS="screen"
> <B
CLASS="command"
>sftp danieldk@192.168.1.69</B
>
</PRE
><H2
CLASS="BRIDGEHEAD"
>scp</H2
><P
> Ook is het mogelijk met OpenSSH bestanden te kopieëren op een
manier die vergelijkbaar is met het <B
CLASS="command"
>cp</B
> commando,
namelijk met <B
CLASS="command"
>scp</B
>. Bestanden op andere servers
worden als volgt aangegeven: <I
CLASS="emphasis"
>gebruiker@host:bestandsnaam</I
>.
Stel dat ik het bestand <TT
CLASS="filename"
>logo.jpg</TT
> naar mijn
account op <I
CLASS="emphasis"
>192.168.1.69</I
> wil kopieëren, dan
kan dat als volgt:
</P
><PRE
CLASS="screen"
> $ <B
CLASS="command"
>scp logo.jpg danieldk@192.168.1.69:</B
>
</PRE
><P
> Omdat ik geen directory of bestandsnaam heb gespecificeerd wordt
logo.jpg met het bovenstaande commando naar mijn home directory
gekopieërd. Stel dat ik het bestand naar de <TT
CLASS="filename"
>www/</TT
>
directory in mijn home directory wil kopieëren, dan volstaat
het volgende commando:
</P
><PRE
CLASS="screen"
> $ <B
CLASS="command"
>scp logo.jpg danieldk@192.168.1.69:html/</B
>
</PRE
><P
> Andersom werkt het ook. Stel dat ik het bestand <TT
CLASS="filename"
>essay</TT
>
wil kopieëren vanaf de server naar de huidige directory, dan
kan dat met het volgende commando:
</P
><PRE
CLASS="screen"
> $ <B
CLASS="command"
>scp danieldk@192.168.1.69:essay .</B
>
</PRE
><P
> Overigens kun je net als bij <B
CLASS="command"
>scp</B
> recursief bestanden
kopieëren met de <I
CLASS="emphasis"
>-r</I
> parameter:
</P
><PRE
CLASS="screen"
> $ <B
CLASS="command"
>scp -r danieldk@192.168.1.69:essays/ .</B
>
</PRE
></DIV
></DIV
><DIV
CLASS="NAVFOOTER"
><HR
ALIGN="LEFT"
WIDTH="100%"><TABLE
WIDTH="100%"
BORDER="0"
CELLPADDING="0"
CELLSPACING="0"
><TR
><TD
WIDTH="33%"
ALIGN="left"
VALIGN="top"
><A
HREF="processen.html"
>Terug</A
></TD
><TD
WIDTH="34%"
ALIGN="center"
VALIGN="top"
><A
HREF="slackware-handboek.html"
>Begin</A
></TD
><TD
WIDTH="33%"
ALIGN="right"
VALIGN="top"
><A
HREF="xfree86.html"
>Volgende</A
></TD
></TR
><TR
><TD
WIDTH="33%"
ALIGN="left"
VALIGN="top"
>Processen</TD
><TD
WIDTH="34%"
ALIGN="center"
VALIGN="top"
> </TD
><TD
WIDTH="33%"
ALIGN="right"
VALIGN="top"
>XFree86</TD
></TR
></TABLE
></DIV
></BODY
></HTML
>
|