File: shell.html

package info (click to toggle)
doc-linux-nl 20051127-2
  • links: PTS
  • area: main
  • in suites: etch, etch-m68k
  • size: 16,408 kB
  • ctags: 94
  • sloc: xml: 47,403; makefile: 312; perl: 193; sh: 116; ansic: 12; csh: 9
file content (586 lines) | stat: -rw-r--r-- 15,874 bytes parent folder | download | duplicates (2)
1
2
3
4
5
6
7
8
9
10
11
12
13
14
15
16
17
18
19
20
21
22
23
24
25
26
27
28
29
30
31
32
33
34
35
36
37
38
39
40
41
42
43
44
45
46
47
48
49
50
51
52
53
54
55
56
57
58
59
60
61
62
63
64
65
66
67
68
69
70
71
72
73
74
75
76
77
78
79
80
81
82
83
84
85
86
87
88
89
90
91
92
93
94
95
96
97
98
99
100
101
102
103
104
105
106
107
108
109
110
111
112
113
114
115
116
117
118
119
120
121
122
123
124
125
126
127
128
129
130
131
132
133
134
135
136
137
138
139
140
141
142
143
144
145
146
147
148
149
150
151
152
153
154
155
156
157
158
159
160
161
162
163
164
165
166
167
168
169
170
171
172
173
174
175
176
177
178
179
180
181
182
183
184
185
186
187
188
189
190
191
192
193
194
195
196
197
198
199
200
201
202
203
204
205
206
207
208
209
210
211
212
213
214
215
216
217
218
219
220
221
222
223
224
225
226
227
228
229
230
231
232
233
234
235
236
237
238
239
240
241
242
243
244
245
246
247
248
249
250
251
252
253
254
255
256
257
258
259
260
261
262
263
264
265
266
267
268
269
270
271
272
273
274
275
276
277
278
279
280
281
282
283
284
285
286
287
288
289
290
291
292
293
294
295
296
297
298
299
300
301
302
303
304
305
306
307
308
309
310
311
312
313
314
315
316
317
318
319
320
321
322
323
324
325
326
327
328
329
330
331
332
333
334
335
336
337
338
339
340
341
342
343
344
345
346
347
348
349
350
351
352
353
354
355
356
357
358
359
360
361
362
363
364
365
366
367
368
369
370
371
372
373
374
375
376
377
378
379
380
381
382
383
384
385
386
387
388
389
390
391
392
393
394
395
396
397
398
399
400
401
402
403
404
405
406
407
408
409
410
411
412
413
414
415
416
417
418
419
420
421
422
423
424
425
426
427
428
429
430
431
432
433
434
435
436
437
438
439
440
441
442
443
444
445
446
447
448
449
450
451
452
453
454
455
456
457
458
459
460
461
462
463
464
465
466
467
468
469
470
471
472
473
474
475
476
477
478
479
480
481
482
483
484
485
486
487
488
489
490
491
492
493
494
495
496
497
498
499
500
501
502
503
504
505
506
507
508
509
510
511
512
513
514
515
516
517
518
519
520
521
522
523
524
525
526
527
528
529
530
531
532
533
534
535
536
537
538
539
540
541
542
543
544
545
546
547
548
549
550
551
552
553
554
555
556
557
558
559
560
561
562
563
564
565
566
567
568
569
570
571
572
573
574
575
576
577
578
579
580
581
582
583
584
585
586
<HTML
><HEAD
><TITLE
>De Shell</TITLE
><META
NAME="GENERATOR"
CONTENT="Modular DocBook HTML Stylesheet Version 1.64
"><LINK
REL="HOME"
TITLE="Het Slackware Handboek"
HREF="slackware-handboek.html"><LINK
REL="PREVIOUS"
TITLE="Pkgtools"
HREF="pkgtools.html"><LINK
REL="NEXT"
TITLE="Bestanden en directories"
HREF="bestandssysteem.html"><LINK
REL="STYLESHEET"
TYPE="text/css"
HREF="normal.css"></HEAD
><BODY
CLASS="chapter"
BGCOLOR="#FFFFFF"
TEXT="#000000"
LINK="#0000FF"
VLINK="#840084"
ALINK="#0000FF"
><DIV
CLASS="NAVHEADER"
><TABLE
WIDTH="100%"
BORDER="0"
CELLPADDING="0"
CELLSPACING="0"
><TR
><TH
COLSPAN="3"
ALIGN="center"
>Het Slackware Handboek: Voor Slackware Linux 9.1</TH
></TR
><TR
><TD
WIDTH="10%"
ALIGN="left"
VALIGN="bottom"
><A
HREF="pkgtools.html"
>Terug</A
></TD
><TD
WIDTH="80%"
ALIGN="center"
VALIGN="bottom"
></TD
><TD
WIDTH="10%"
ALIGN="right"
VALIGN="bottom"
><A
HREF="bestandssysteem.html"
>Volgende</A
></TD
></TR
></TABLE
><HR
ALIGN="LEFT"
WIDTH="100%"></DIV
><DIV
CLASS="chapter"
><H1
><A
NAME="AEN357"
>Hoofdstuk 9. De Shell</A
></H1
><DIV
CLASS="TOC"
><DL
><DT
><B
>Inhoudsopgave</B
></DT
><DT
>9.1. <A
HREF="shell.html#AEN359"
>Inleiding</A
></DT
><DT
>9.2. <A
HREF="shell.html#AEN368"
>De Shell omgeving</A
></DT
><DT
>9.3. <A
HREF="shell.html#AEN382"
>Commando's</A
></DT
><DT
>9.4. <A
HREF="shell.html#AEN424"
>Werken met de Shell</A
></DT
><DT
>9.5. <A
HREF="shell.html#AEN436"
>Redirection en Piping</A
></DT
><DT
>9.6. <A
HREF="shell.html#AEN462"
>Tab completion</A
></DT
><DT
>9.7. <A
HREF="shell.html#AEN473"
>Virtuele terminals</A
></DT
></DL
></DIV
><DIV
CLASS="sect1"
><H1
CLASS="sect1"
><A
NAME="AEN359"
>9.1. Inleiding</A
></H1
><P
>&#13;Er zijn diverse manieren om werk op een computer uit te (laten) voeren. Zo kun je gebruik maken van een Grafische User Interface of programma's kunnen 'op de achtergrond' uitgevoerd worden. Een andere methode is om commando's via een zogenaamde prompt aan het systeem aan te bieden. Nu heb je op de laatste manier een programma nodig die deze opdrachten voor je aan het operating system aanbiedt of die deze opdrachten uitvoert. Op Linux systemen, en dus ook Slackware, heb je de beschikking over een zogenaamde shell. Deze shell zorgt er o.a. voor dat je werk uit kan voeren, zoals het bekijken van een bestand, het aanmaken van gebruikers etcetera.
</P
><P
>&#13;Een shell wordt gestart op het moment dat een gebruik inlogt. Voor het inloggen zie je iets wat op het volgende lijkt:
</P
><PRE
CLASS="screen"
>&#13;slackware login:
</PRE
><P
>&#13;Dit is de login prompt, niet te verwarren met de shell prompt. Na het inloggen en het starten van de shell wordt de volgende prompt getoond:
</P
><PRE
CLASS="screen"
>&#13;$
</PRE
><P
>&#13;Dit is de prompt van de shell. Hierna kun je, afhankelijk van je rechten, de commando's uitvoeren die nodig zijn om je werk uit te voeren.
</P
><P
>&#13;NB : In dit document wordt uitgegaan van de Bash shell. 
</P
></DIV
><DIV
CLASS="sect1"
><H1
CLASS="sect1"
><A
NAME="AEN368"
>9.2. De Shell omgeving</A
></H1
><P
>&#13;Als je met de Shell werkt, dan staan er een aantal variabelen tot je beschikking. Een voorbeeld is de PATH variabele, waarin een aantal paden naar directories staan zodat je voor bepaalde commando's alleen het commando hoeft in te voeren in plaats van het pad naar het commando en het commando zelf. 

Deze variabelen maken deel uit van de zogenaamde omgeving waarin je werkt (Environment). Je kunt een overzicht van je omgevingsvariabelen opvragen met het commando <B
CLASS="command"
>env</B
> en het commando <B
CLASS="command"
>set</B
>. 

Deze variabelen kun je ook zelf definieren. Als je dit doet, gebruik dan voor de naam van de variabele hoofdletters. Dit is niet verplicht, maar wel een goede gewoonte. Het definieren van een variabele doe je als volgt:
</P
><PRE
CLASS="screen"
>&#13;$ <B
CLASS="command"
>KREET=hallo</B
>
</PRE
><P
>&#13;Hierboven is een variabele KREET gemaakt die de waarde 'hallo' gekregen heeft. Met het commando echo kun je bekijken of de opdracht inderdaad goed is gedaan:
</P
><PRE
CLASS="screen"
>&#13;$ <B
CLASS="command"
>echo $KREET</B
>
</PRE
><P
>&#13;Let op het gebruik van het dollar($) teken.
</P
><P
>&#13;Als je op deze manier Shell variabelen maakt, dan staan deze alleen ter beschikking tot de Shell. Als je ook wilt dat andere programma gebruik kunnen maken van deze variabelen, dan moet je deze variabelen "exporteren". Je doet dit op de volgende manier:
</P
><PRE
CLASS="screen"
>&#13;$ <B
CLASS="command"
>export KREET</B
>
</PRE
></DIV
><DIV
CLASS="sect1"
><H1
CLASS="sect1"
><A
NAME="AEN382"
>9.3. Commando's</A
></H1
><P
>&#13;In dit deel worden een aantal commando's kort besproken. 
</P
><H2
CLASS="BRIDGEHEAD"
>write</H2
><P
>&#13;Met dit commando kun je aan een andere gebruiker een bericht sturen. Het gebruik van dit commando is :
</P
><PRE
CLASS="screen"
>&#13;$ <B
CLASS="command"
>write user</B
>
</PRE
><P
>&#13;Voor 'user' moet je de gebruiker invullen aan wie je een bericht wilt sturen.
</P
><H2
CLASS="BRIDGEHEAD"
>w</H2
><P
>&#13;Met dit commando kun je zien wie er allemaal op dit moment ingelogd zijn en wat ze aan het doen zijn. Het gebruik van dit commando is :
</P
><PRE
CLASS="screen"
>&#13;$ <B
CLASS="command"
>w</B
>
</PRE
><H2
CLASS="BRIDGEHEAD"
>type</H2
><P
>&#13;Met dit commando kun je snel bepalen waar een bepaald programma zich bevindt. Het gebruik van dit commando is :
</P
><PRE
CLASS="screen"
>&#13;$ <B
CLASS="command"
>type programma</B
>
</PRE
><P
>&#13;Op de plaats van 'programma' vul je de naam in van het programma wat je zoekt. Voorwaarde is wel dat het programma zich bevindt in een van de directories die zich in de PATH variabele bevinden.
</P
><H2
CLASS="BRIDGEHEAD"
>file</H2
><P
>&#13;Met dit commando kun je bekijken om wat voor soort bestand het gaat. Het gebruik van dit commando is :
</P
><PRE
CLASS="screen"
>&#13;$ <B
CLASS="command"
>file bestand</B
>
</PRE
><P
>&#13;Op de plaats van 'bestand' vul je de naam van het bestand in waarvan je wilt bekijken van voor type bestand het is.
</P
><H2
CLASS="BRIDGEHEAD"
>ps</H2
><P
>&#13;Met dit commando kun je bekijken welke processen er actief zijn op je systeem. Het gebruik van dit commando is :
</P
><PRE
CLASS="screen"
>&#13;$ <B
CLASS="command"
>ps</B
>
</PRE
><P
>&#13;Hieraan kun je meerdere opties toevoegen ( zoals a, u, x, s).  
</P
><H2
CLASS="BRIDGEHEAD"
>su</H2
><P
>&#13;Met dit commando kun je tijdelijk als root gebruiker werken. Het is namelijk niet een goed idee om altijd als root gebruiker je werk. Om nu af en toe als root bepaalde commando's uit te kunnen voeren, kun je het commando su gebruiken. Het gebruik van dit commando is :
</P
><PRE
CLASS="screen"
>&#13;$ <B
CLASS="command"
>su</B
>
</PRE
><P
>&#13;Na het invoeren van dit commando wordt er om het root password gevraagd. 
</P
><H2
CLASS="BRIDGEHEAD"
>locate</H2
><P
>&#13;Met dit commando kun je op een eenvoudige manier het systeem doorzoeken voor een of meerdere  bestanden. Het gebruik van dit commando is :
</P
><PRE
CLASS="screen"
>&#13;$ <B
CLASS="command"
>locate bestand</B
>
</PRE
><P
>&#13;Op de plaats van 'bestand' vul je de naam in van het bestand (of programma of directory) wat je zoekt.
</P
><H2
CLASS="BRIDGEHEAD"
>man</H2
><P
>&#13;Met dit commando kun je informatie opvragen over een bepaald onderwerp. Het gebruik van dit commando is : 
</P
><PRE
CLASS="screen"
>&#13;$ <B
CLASS="command"
>man opdracht</B
>
</PRE
><P
>&#13;Op de plaats van 'opdracht' vul je de naam van de opdracht in waarover je meer informatie wilt weten. De documenten waar deze informatie zich bevindt worden manual pages genoemd.
</P
></DIV
><DIV
CLASS="sect1"
><H1
CLASS="sect1"
><A
NAME="AEN424"
>9.4. Werken met de Shell</A
></H1
><P
>&#13;Via de Shell kun je verschillende dingen doen. Je kunt bovenstaande commando's uitvoeren, bestanden aanmaken, bestanden verwijderen en nog veel meer. Een belangrijk concept hierbij is hoe het "systeem" (lees : Shell) weet waar de commando's te vinden zijn die je intypt. Hier komt de variabele PATH (zie het deel over de Shell omgeving) om de hoek kijken. Je kunt programma's globaal op twee manieren uitvoeren via de Shell: d.m.v. het opgeven van alleen het commando of door het opgeven van het hele pad (dus waar het programma te vinden is, en het pad begint dan bij de root '/' directory). 
</P
><P
>&#13;Om programma's te kunnen uitvoeren door alleen de naam van het programma in te geven moet aan de voorwaarde voldaan zijn dat het pad naar dit programma in de PATH variabele is opgenomen. Stel dat een programma, bijvoorbeeld het programma locate, in de directory /bin staat, dan moet in de variabele PATH dit pad naar deze directory zijn opgenomen. Je kunt dit controleren met het commando echo $PATH. Als je nu een nieuw pad toe wilt voegen aan de PATH variabele, bijvoorbeeld omdat je een nieuw programma hebt ge&iuml;nstalleerd en dit rechtstreeks wilt kunnen uitvoeren, dan kun je het op de volgende manier aan de variabele PATH toevoegen.
</P
><PRE
CLASS="screen"
>&#13;$ <B
CLASS="command"
>PATH=$PATH:/usr/bin</B
>
</PRE
><P
>&#13;Bovenstaand voorbeeld voegt het pad <TT
CLASS="filename"
>/usr/bin</TT
> toe aan de 
PATH variabele.
</P
><P
>&#13;Om een programma van de huidige directory uit te voeren, dan volstaat het niet om alleen de naam van het programma op te geven, tenzij de huidige directory opgenomen is in de PATH variabele. Immers, de Shell zoekt alle paden af in de variabele PATH. Als het programma niet gevonden wordt, dan wordt deze ook niet uitgevoerd. Om nu toch een programma uit te kunnen voeren vanuit je huidige directory kun je dat als volgt opgeven:
</P
><PRE
CLASS="screen"
>&#13;$ <B
CLASS="command"
>./programma</B
>
</PRE
><P
>&#13;Hiermee geef je aan dat je 'programma' uit de huidige directory uit wilt voeren.
</P
></DIV
><DIV
CLASS="sect1"
><H1
CLASS="sect1"
><A
NAME="AEN436"
>9.5. Redirection en Piping</A
></H1
><P
>&#13;
Het is vaak handig om commando's te kunnen combineren, oftewel om de output van het ene commando door te geven als input voor een ander commando. Ook kan het bijvoorbeeld handig zijn om de output van een commando in een bestand op te slaan in plaats van op het scherm te tonen. Hier komen de kreten redirection en piping naar voren.
</P
><P
>&#13;Redirecten is het veranderen van de richting van invoer en uitvoer van programma's. Stel dat je de inhoud van een bestand wilt bekijken. Dit kun je doen met het commando <B
CLASS="command"
>cat</B
>. Een voorbeeld:
</P
><PRE
CLASS="screen"
>&#13;$ <B
CLASS="command"
>cat file.txt</B
>
</PRE
><P
>&#13;Bovenstaand voorbeeld laat de inhoud van een bestand op het scherm zien. Als je nu, voor wat voor reden dan ook, deze output naar een ander bestand wilt laten gaan, dan kun je dit als volgt doen:
</P
><PRE
CLASS="screen"
>&#13;$ <B
CLASS="command"
>cat file.txt &#62; file2.txt</B
>
</PRE
><P
>&#13;Bovenstaand voorbeeld redirect de uitvoer van het 'cat' commando naar een bestand in plaats van naar het scherm. 
Opmerking: je zou op kunnen merken dat dit eigenlijk een kopieerslag is en ja, daar heb je gelijk in. Echter, het gaat hier alleen maar om hoe redirection werkt
</P
><P
>&#13;Een ander voorbeeld is het redirecten van de uitvoer van het <B
CLASS="command"
>ps</B
> commando naar een bestand. Voorbeeld:
</P
><PRE
CLASS="screen"
>&#13;$ <B
CLASS="command"
>ps &#62; uitvoer.txt</B
>
</PRE
><P
>&#13;Bovenstaand voorbeeld laat de uitvoer van het <B
CLASS="command"
>ps</B
> commando naar het bestand uitvoer.txt gaan in plaats van naar het scherm.
</P
><P
>&#13;Bovenstaand voorbeeld stuurt de uitvoer van een commando naar een bestand. Als dat bestand nog niet bestaat wordt dat aangemaakt, maar als dat bestand wel bestaat, dan wordt de inhoud van dit bestand overschreven. Als je dat niet wilt, dan kun je besluiten om de inhoud van het nieuwe commando achter de bestaande inhoud van het bestand te plakken. Dit kun je als volgt doen:
</P
><PRE
CLASS="screen"
>&#13;$ <B
CLASS="command"
>ps &#62; &#62; uitvoer.txt</B
>
</PRE
><P
>&#13;Je kunt ook i.p.v. redirecten naar bijvoorbeeld bestanden de uitvoer van een commando rechtstreeks aan een ander commando doorgeven. Dit wordt piping genoemd. Een voorbeeld van piping is:
</P
><PRE
CLASS="screen"
>&#13;$ <B
CLASS="command"
>ls -al | less</B
>
</PRE
><P
>&#13;Bovenstaand voorbeeld geeft de output van <B
CLASS="command"
>ls -al</B
> door aan 
het commando <B
CLASS="command"
>less</B
>.
</P
></DIV
><DIV
CLASS="sect1"
><H1
CLASS="sect1"
><A
NAME="AEN462"
>9.6. Tab completion</A
></H1
><P
>&#13;Met de tab toets kun je, tenminste met de Bash Shell, een deel van een commando of bestandsnaam of de naam van een pad invullen en de shell de naam zelf af laten maken. Scheelt je soms een hoop typewerk. 
Stel, je wilt een programma vanuit je huidige directory uitvoeren. Dit programma heeft de volgende naam : programmaxyz-234.hrl. Nu kun je als volgt de hele naam intypen:
</P
><PRE
CLASS="screen"
>&#13;./programmaxyz-234.hrl
</PRE
><P
>&#13;Dat is veel typewerk en de kans dat je fouten maakt is groot, zeker met zo'n naam. Nu kun je een deel van de naam intypen, bijvoorbeeld:
</P
><PRE
CLASS="screen"
>&#13;./pro
</PRE
><P
>&#13;Als je nu op de tab toets drukt, dan kijkt de shell of hij iets kan vinden wat begint met het deel wat je hebt ingevuld. Als dat zo is dan vult de shell de rest van de naam aan. 
</P
><P
>&#13;Nu kan het voorkomen dat je bijvoorbeeld twee programma's hebt met bijna dezelfde naam, bijvoorbeeld programmaxyz-123 en programmaxyz-124. Als je nu weer alleen 'pro' ingeeft en daarna op de tab toets drukt, dan vult de shell aan tot waar er verschillen zijn in de naam. Dus in dit voorbeeld tot :
</P
><PRE
CLASS="screen"
>&#13;./programmaxyz-12
</PRE
><P
>&#13;Het laatste deel van de naam moet je nu zelf opgeven, in ieder geval tot en met het deel van de naam vanaf waar de shell constateert dat de naam uniek is. Vanaf het moment dat de naam weer uniek is, kun je weer de tab toets gebruiken.
</P
><P
>&#13;NB : Tab completion geldt niet alleen voor programma's, maar ook voor bestanden, directories, complete paden en dergelijke.
</P
></DIV
><DIV
CLASS="sect1"
><H1
CLASS="sect1"
><A
NAME="AEN473"
>9.7. Virtuele terminals</A
></H1
><P
>&#13;Je kunt via meerdere, zogenaamde virtuele terminals, werken. Dit kan handig zijn als je bijvoorbeeld meerdere taken uit wilt voeren en je niet steeds je huidige taak wilt stoppen en een andere taak wilt starten. 
</P
><P
>&#13;Omdat Linux een multi-user systeem is, kun je meerdere malen als dezelfde user ingelogd zijn maar je kunt ook met verschillende user-id's ingelogd zijn, bijvoorbeeld als 'gewone' user en als systeem beheerder (root).
</P
><P
>&#13;Om met aan een andere taak te werken kun je met de toets combinatie Alt en een functie toets, wisselen tussen virtuele terminals. Alt-F2 geeft je de tweede virtuele terminal, Alt-F3 de derde enzovoort tot en met Alt-F6. De overige (Alt-F7 en verder) zijn gereserveerd voor X-sessies, dat wil zeggen een virtuele terminal voor sessies voor een X window (zeg maar grafische omgeving). Als je vanuit een grafische omgeving naar een tekst omgeving wilt, dan kun je dit doen met de toets combinatie Ctrl-Alt-F3 (voor de derde virtuele terminal). Alt-F7 stuurt je terug naar je grafische omgeving.
</P
></DIV
></DIV
><DIV
CLASS="NAVFOOTER"
><HR
ALIGN="LEFT"
WIDTH="100%"><TABLE
WIDTH="100%"
BORDER="0"
CELLPADDING="0"
CELLSPACING="0"
><TR
><TD
WIDTH="33%"
ALIGN="left"
VALIGN="top"
><A
HREF="pkgtools.html"
>Terug</A
></TD
><TD
WIDTH="34%"
ALIGN="center"
VALIGN="top"
><A
HREF="slackware-handboek.html"
>Begin</A
></TD
><TD
WIDTH="33%"
ALIGN="right"
VALIGN="top"
><A
HREF="bestandssysteem.html"
>Volgende</A
></TD
></TR
><TR
><TD
WIDTH="33%"
ALIGN="left"
VALIGN="top"
>Pkgtools</TD
><TD
WIDTH="34%"
ALIGN="center"
VALIGN="top"
>&nbsp;</TD
><TD
WIDTH="33%"
ALIGN="right"
VALIGN="top"
>Bestanden en directories</TD
></TR
></TABLE
></DIV
></BODY
></HTML
>